Zijn motieven liggen thuis

 Dit opiniestuk van mijn hand stond gisteren in nrc.next

„Mijn motieven liggen thuis. Als ik door zou gaan en premier zou worden na 9 juni, zie ik mijn eigen kinderen niet opgroeien. Dat is het me niet waard. De politiek eist een zware tol van je privéleven.” Aldus ex-PvdA-lijsttrekker Wouter Bos afgelopen vrijdag, toen hij zijn afscheid van de politiek aankondigde. Een dag eerder trad de gedroomde kroonprins van het CDA, Camiel Eurlings eveneens om privéredenen terug uit de Haagse burelen. Wellicht wil hij, zesendertig jaar jong, een gezin stichten. Mannen die (bijna) op de top van hun carrière zijn, kiezen anno 2010 ineens voor hun relatie en gezin: wat is er met hen aan de hand?

Inderdaad is er iets veranderd in de politiek en ook in de rest van de samenleving. Probeer je even voor te stellen dat een politicus als Ruud Lubbers zou terugtreden omdat hij zich meer wil wijden aan zijn ‘privéleven’. Of Wim Kok. Of Dries van Agt. Dat was een heel ander soort mannen. Ouderwetse, degelijke kostwinners die ongetwijfeld hun kinderen nooit zagen, maar dat accepteerden als onderdeel van hun roeping als carrièreman. Voor hen zelf lag slechts  één kurkdroge mogelijkheid van ontplooiing open: succes op het werk.

Deze beperkte keuzevrijheid werd in stand gehouden door een opgelegde mannelijkheidsnorm.  Een man die kiest voor zijn gezin werd door andere mannen (en vrouwen!) uitgemaakt voor een watje of een slappeling, een zacht eitje, een treurige, ruggegraatloze humptydumpty die onder de plak zit. Het betekende uitstoting van de apenrots.

Het hield ook min of meer een einde in van zijn professionele loopbaan, want op een later tijdstip het werk weer oppakken met dat stigma van ambitieloze softie was natuurlijk moeilijk. Mannen moesten kostwinners zijn en lineair carrière maken – zonder onderbrekingen. Een ‘gat’ in je cv was geen aanbeveling.

Moderne mannen als Wouter Bos en Camiel Eurlings, laten we ze mannen 3.0 noemen, willen echter meer keuzevrijheid in hun leven en durven daar ook voor uit te komen. Langzaam veranderen de maatschappelijke opvattingen over wat een zinvol en waardevol leven is voor een man. Dat wordt niet meer gedefinieerd door professioneel succes alleen, maar ook door succes op persoonlijk gebied: vriendschap, relaties en kinderen.

Het is goed dat Eurlings en Bos zo helder zijn over hun motieven om met het politieke werk te stoppen, omdat ze zo een voorbeeldfunctie vervullen voor andere mannen die graag een periode van hun leven aandacht willen geven aan hun geliefde en kinderen. Ze brengen het koor van conservatieve mannen die de keuzevrijheid van andere mannen uit rancune willen beperken, tot zwijgen.

Dat is hard nodig, want deze maatschappij is nog altijd ingericht op het klassieke lineaire kostwinnersmodel. Mannen worden nog maar al te vaak aangekeken op hun verlangen om deeltijd te werken – net zoals dat vrouwen erop worden aangekeken als ze fulltime willen blijven werken wanneer ze moeder worden. 

Hopelijk zullen nu ook werkgevers gaan beseffen dat moderne mannen en vrouwen zelf hun levensloop willen plannen en dat dat niets te maken heeft met ambitieloosheid of karakterzwakte. Integendeel, een keus voor het gezin getuigt van durf en zelfverzekerdheid in een tijd dat dit nog altijd niet algemeen geaccepteerd is.